Partij Vrij Almelo
Dicht bij de burger
Beantwoording vragen PVA aan het college over de demonstratie tegen het Armeense monument

 

pva_1466085a

Partij Vrij Almelo

 

Op 11 oktober heeft de  PVA fractie een e-mail gestuurd met een aantal vragen over de demonstratie op 1 juni 2014 tegen het Armeense monument. In deze brief geven wij u antwoord op uw vragen.

Een aantal van uw vragen gaat over de voorschriften en beperkingen die de burgemeester heeft gesteld in reactie op de kennisgeving van de demonstratie. De burgemeester is ingevolge artikel 5, eerste lid van de Wet op de Openbare Manifestaties bevoegd om deze voorschriften en beperkingen te stellen ter bescherming van de gezondheid, in het belang van het verkeer en ter bestrijding of voorkoming van wanordelijkheden.

Vraag 1.

Voorschrift 4 heeft het over een verbod inzake spandoeken met grote stokken. Waarom is dit voorschrift met voeten getreden?

Antwoord:

De burgemeester heeft, zoals hierboven vermeld, dit voorschrift gesteld op basis van artikel 5, eerste lid van de Wet op de Openbare Manifestaties, met het doel wanordelijkheden te voorkomen of te bestrijden. De aanwezigheid van spandoeken met grote stokken heeft niet geleid tot wanordelijkheden en dit was ook niet de verwachting. Door de aanwezigheid van politie en een eigen ordedienst van de organisatoren van de demonstratie is de demonstratie ordelijk verlopen. Kortom, er was geen reden om op te treden.

Vraag 2.

Voorschrift 6 en 7 geven een verbod op het roepen van discriminerende en opruiende teksten en dat idem voor spandoeken. U had de demonstratie direct kunnen beëindigen in het kader van openbare orde en veiligheid. Waarom is dit niet gedaan?

Antwoord:

Wij verwijzen u voor het antwoord op deze vraag naar het antwoord op vraag 1.

Vraag 3.

Voorschrift 10 heeft het over de Zondagswet en de afstand van 200 meter. Er ligt een kerk direct tegenover het veld aan de Rembrandtlaan waar de demonstratie is gehouden. Volgens artikel 3 Zondagswet en gelet op de Wet op de openbare manifestaties moet de burgemeester voorschriften stellen ten aanzien van het gebruik van geluidsinstallaties op zondag. In de voorschriften hierover geen woord. En de demonstratie was door de geluidsinstallatie al zeer ver te horen. Waarom is hier niet tegen opgetreden?

Antwoord:

Voorschrift 10 stelt dat het op grond van de Zondagswet verboden is op zondag zonder strikte noodzaak gerucht te verwekken, dat op een afstand van meer dan 200 meter van het punt van verwekking hoorbaar is. Gelet op het aangekondigde aantal demonstranten vonden wij de noodzaak voor het gebruik van een geluidsinstallatie gerechtvaardigd. In de aan de demonstratie voorafgaande week is hierover bovendien contact geweest met een bestuurder van de tegenoverliggende kerk.

Vraag 4.

Voorschrift 11 is onbegrijpelijk nu in de zelfde brief staat dat de demonstratie begint om 12.30 uur en er evenmin is gekeken naar het hiervoor al aangehaald artikel 3 Zondagswet. Gaarne uw reactie hierop!

Antwoord:

In de oorspronkelijke kennisgeving was inderdaad sprake van een begintijd van 12.30 uur. De organisatie heeft de planning gewijzigd en de gemeente hierover per e-mail geïnformeerd. In de gewijzigde planning is opgenomen dat demonstranten zich vanaf 12.30 uur konden verzamelen op het veld en dat de demonstratie om 13.00 uur zou beginnen.

Vraag 5.

De handhaving ligt niet alleen in de voorschriften 12 en 13 maar ook in het niet naleven van de voorschriften zelf. Op het moment dat er sprake is van discriminatie en opruiende teksten had de burgemeester in ieder geval de organisatie op dat moment daarop dienen aan te spreken. Het niet naleven van de voorschriften is strafbaar. Heeft de burgemeester daar aangifte van gedaan?

Antwoord:

Wij verwijzen u voor het antwoord op deze vraag naar het antwoord op vraag 1. Daarnaast merken wij op dat tijdens de demonstratie door de politie geen discriminatie en opruiende teksten zijn geconstateerd.

Vraag 6.

Voorschrift 15 hoort niet in het rijtje thuis omdat het geen voorschrift is.

Antwoord:

Voorschrift 15 is aan te merken als een standaard toevoeging.

Vraag 7.

De burgemeester heeft als voorzitter van het dagelijks bestuur belang bij de uitkomst van het raadsdebat. (zie Motie PVA) Als voorzitter van de gemeenteraad heeft zij daarbij ook de mogelijkheid om te sturen en een advies voor een in te brengen Motie of Amendement af te geven. Wij vinden dit onwenselijk. Bent u dat met ons eens?

Antwoord:

Indien een motie of amendement ingaat op een onderwerp uit de portefeuille van de burgemeester, dan zal de burgemeester reageren. Hierbij kan het gaan om een onderwerp dat rechtstreeks een bevoegdheid van de burgemeester is of dat onderdeel is van de portefeuille van de burgemeester in het college van b en w. Als voorzitter van de raad heeft de burgemeester een andere rol. Als in de raad een onderwerp aan de orde is dat de portefeuille van de burgemeester betreft, treedt zij voor dat onderwerp terug als voorzitter van de raad. Wij verwachten u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd.

 

Hoogachtend,

Burgemeester en Wethouders van Almelo,
de secretaris, de burgemeester,

 

Stem of voeg toe aanUitleg over het gebruik van deze icons :  Plaatsen/stemmen op NUjij Plaatsen/stemmen op eKudos Plaatsen/stemmen op MSN Reporter Plaatsen/stemmen op GeenRedactie Plaatsen/stemmen op Digg Toevoegen aan Symbaloo Stumble it! Voeg dit artikel toe aan Del.icio.us Voeg toe aan je Google bladwijzers Voeg toe aan je Facebook-profiel Abonneer je op de RSS-feed van deze site Verstuur deze pagina per e-mail via Feedburner Plaats dit bericht op Twitter

Leave a Reply