
Raad op straat
Een paar dagen geleden kwam ik op het internet een artikel tegen van een raadsfractie ergens in het centrum van het land die aan de burgemeester het voorstel deed die henzelf zéér gaat beperken in hun werk. Er kwam een heus pleidooi op tafel waarin werd gevraagd aan de burgemeester om ”invloeden op het beleid van buiten de Raad niet meer te tolereren”. Ik wist niet wat ik las. Dan pleit opeens iemand die ervoor wil zorgen dat Raadsleden niet meer mogen praten met burgers. Stel je voor dat al die burgers invloed hebben op het beleid, schande! Dat kan toch zomaar niet?
En dan geef je ook nog een burgemeester, die het al lastig genoeg heeft met al die verschillende partijen in de raad de opdracht een onwettige opdracht uit te voeren. Je zegt dan ook tegen je eigen fractie dat je alleen maar met jezelf mag praten. Dat is toch niet de bedoeling? Raadsleden zijn toch volksvertegenwoordigers?
Zij moeten bereid zijn om naar vragen en klachten van burgers te luisteren en signalen op te pikken. Mag een raadslid zich bemoeien met een specifiek geval? En zo ja, wat kan hij/zij doen in het behartigen van het individuele belang van een burger? Het gaat me daarbij eigenlijk om de ombudsfunctie van een raadslid, de brugfunctie tussen burgers en overheid.
Veel raadsleden weten eigenlijk niet precies wat wel en niet mag, afgezien van het geven van advies over hoe iets aan te pakken. Er is weliswaar een
in Almelo, maar daar staan alleen de voor de hand liggende zaken in, zoals giften en gunsten. Maar wat doe je met een probleem of een klacht die langs de (normale) weg maar niet opgelost wordt? Ja, de risico’s van belangenverstrengeling staan er in en die kennen we allemaal, maar daar gaat het niet om als je je inzet voor het belang van een specifieke burger die jou om hulp vraagt.
Harry de Olde