Geachte raadsleden,
In de voorbereiding op het politiek beraad van 23 september 2014 heeft u de door de VNG opgestelde modelverordeningen Jeugdwet en Wmo 2015 toegestuurd gekregen. Deze modelverordeningen hebben als basis gediend voor het nu voorliggende concept “Verordening maatschappelijke ondersteuning en Jeugdwet gemeente Almelo 2015”. Naar aanleiding van uw op- en aanmerkingen of voorstellen tot wijziging, zal de verordening waar nodig en gewenst worden bijgesteld en zal deze aan uw raad op 28 oktober ter besluitvorming worden voorgelegd.
Op 23 september zal in het politiek beraad een toelichting worden gegeven op de totstandkoming van de conceptverordening en de keuzes die daarbij gemaakt zijn. Daarnaast zal nader worden ingegaan op de vragen die verschillende raadsfracties al schriftelijk hebben gesteld. Hieronder worden de meer algemene vragen schriftelijke beantwoord. Vragen die hieronder niet beantwoord worden, worden meegenomen in de presentatie op 23 september.
Algemene vragen raadsfracties
Door verschillende fracties zijn vragen gesteld met betrekking tot de toegang en toeleiding tot voorzieningen en onder andere het waarborgen van de privacy. Voor de toeleiding en toegang geldt in het algemeen dat de procedure (melding, onderzoek en besluit) nader wordt beschreven in de Beleidsregels. Naast vragen met betrekking tot de toegang en toeleiding zijn er nog vragen gesteld die wel met de decentralisaties te maken hebben maar minder met de inhoud van de Verordening. Deze vragen zullen we uiteraard beantwoorden maar dan meer in het licht van de algemene opgave die ons voor 2015 te wachten staat. In het politiek beraad van 23 september zal na de toelichting op de verordening en de beantwoording van vragen ook worden ingegaan.
Toeleiding en toegang.
Hoe staat het met de realisatie van het plan om ervoor te zorgen dat er zo min mogelijk verschillende hulpverleners bij een gezin over de vloer komen? (CDA) De toegang en toeleiding naar de verschillende voorzieningen vindt plaats via het sociale wijk- of stedelijk team. Deze teams werken volgens het principe één gezin, één plan, één regisseur. De regisseur ziet er op toe dat hulpverlening binnen het gezin zo adequaat mogelijk wordt ingezet.
Indicatiestelling
Hoe verloopt de indicatiestelling concreet? Wat is wiens rol en verantwoordelijkheid? Wij zien dit graag zo concreet mogelijk uitgewerkt en toegelicht. (CDA) Welke procedureregels gelden hiervoor? (LAS) De volledige uitwerking volgt in de beleidsregels. Hierbij worden de in de Wmo 2015 genoemde stappen in het proces (melding, onderzoek,besluitvorming) nader uitgewerkt waarbij rekening wordt gehouden met de in de wet genoemde termijnen (na melding maximaal 6 weken de tijd voor onderzoek en vervolgens maximaal 2 weken voor de besluitvorming indien een individuele of maatwerkvoorziening wordt aangevraagd).
Professionaliteit Jeugdwet
Hoe professioneel zijn de ambtenaren? Gaan we als gemeentes veel werken met professionele deskundige personen? (LAS) De Jeugdwet zelf is hierover heel helder: het college moet de deskundige toeleiding naar, advisering over, bepaling van en het inzetten van de aangewezen voorziening waarborgen. Daarnaast worden bij algemene maatregel van bestuur regels gesteld hierover. We moeten dus wel werken met professionele deskundige personen en bij de samenstelling van de sociale wijkteams wordt hiermee rekening gehouden. Jeugdwet: Doet de gemeente zelf de aanbestedingen, beoordelingen van klanten mbt (jeugd)zorg of gaat een extern bureau dit doen (uitbesteding)? (LAS) De aanbesteding van de voorzieningen in het kader van de Jeugdwet en de gedecentraliseerde Awbz-voorzieningen (Wmo 2015) wordt gezamenlijk met de andere Twentse gemeenten (Samen14) gedaan. De toeleiding naar en de toegang tot voorzieningen wordt geregeld via de sociale wijkteams en het stedelijk team en gemeente, maar deels ook via huisartsen, jeugdartsen en specialisten (bijvoorbeeld als het gaat om jeugd-ggz)
Privacy cliënten
Hoe wil het college de privacy van de cliënten bij het gebruik van persoonsgegevens waarborgen? Wie krijgen toegang tot de persoonsgegevens? (D’66) Hoe zit het met de bescherming van cliënten bij de inzet van de nieuwe wijkteams?Wat mogen de wijkteams wel / niet registreren, hoe wordt dat geborgd en hoe kan dat worden gecontroleerd? (CDA) In hoofdstuk 7 van de Jeugdwet en hoofdstuk 5 van de Wmo 2015 zijn bepalingen opgenomen met betrekking tot de bescherming van persoonsgegeven (privacy) en de verwerking van deze gegevens. De bepalingen in beide wetten moeten worden gevolgd. Daarnaast hebben we te maken met de uitwisseling van medische gegevens waarop de Wet op de geneeskundige behandelovereenkomst van toepassing is (met onder andere het medisch beroepsgeheim). De privacy van cliënten is dan ook voldoende gewaarborgd.
Sociale netwerk
Wanneer onderneemt de gemeente (Wmo) actie wanneer blijkt dat mensen met een beperking geen hulp krijgen van buurtgenoten of familie (dit werkt echt niet in een 24 uurs maatschappij)? (PVA) De gemeente moet mensen met beperkingen compenseren als na onderzoek blijkt dat zij geen beroep kunnen doen op het sociale netwerk. Deze compensatie kan bestaan uit een algemene of een maatwerkvoorziening.
Weigeren ondersteuning
Wat gaat het college doen met probleemgezinnen die hulpverleners de deur wijzen? (PVA) Door zichtbaar te zijn in de wijken, met sociale wijkteams, verwachten wij zicht te krijgen op en contact te krijgen met deze gezinnen waardoor het vertrouwen kan worden gewonnen en deze gezinnen wellicht, na enige aandrang, hulp accepteren. Als de veiligheid (binnen het gezin of voor de leefomgeving) in het geding is, wordt het accepteren van hulpverlening verplicht gesteld.
Bezwaar en beroep
Tijdens een bezwaar- en beroepscommissie zouden onafhankelijke juristen de zaak moeten behandelen. Nu wil het nog wel eens voorkomen dat juristen van buurgemeenten het bezwaar en beroep voorzitten, en deze zijn niet onafhankelijk maar hebben een indirect belang bij de gemeente Almelo. (PVA) De bezwaarschriftencommissie is onafhankelijk; de leden hebben geen, zelfs geen indirect belang, bij de gemeente Almelo en zijn volkomen gericht op het juridisch zo zuiver mogelijk adviseren van het college over de behandelde bezwaarschriften. De consulent Wmo zou tijdens een bezwaar- en beroepscommissie aanwezig moeten zijn (tenzij deze een echte gegronde reden heeft dat hij/zij verhinderd is). Dit in verband met verweerwoord tussen cliënt en consulent Wmo. Wordt de consulent vervangen door een andere consulent van de gemeente kan er tijdens een mondeling bezwaar en beroep verwarring ontstaan omdat de plaatsvervanger niet altijd inhoudelijk de zaak goed kent. (PVA) Bij de behandeling van het bezwaarschrift gaat het er om dat de regels goed zijn geïnterpreteerd en de procedures juist zijn gevolgd. Uit de schriftelijke verslaglegging van de consulent moet dit
blijken. Als de weergave van het gesprek goed is, moet iedere consulent in staat zijn het genomen besluit toe te lichten. Indien bij de behandeling van het bezwaarschrift blijkt dat de verslaglegging niet juist is geweest, moet de consulent daarop worden gewezen door een leidinggevende.
Overige vragen
Compensatieregeling Compensatieregeling hoge zorgkosten. Voorheen Rijk, per 1 januari 2015 gemeentelijke fondsen. Graag toelichting op hoe de compensatie hoge zorgkosten geregeld is, danwel gaat worden in Almelo. (CDA) Compensatie via minimabeleid, wordt niet opgenomen in verordening maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp gemeente Almelo 2015 In aansluiting hierop: hoe gaan we in Almelo om met de (effecten van) de stapeling aan maatregelen die het Kabinet voorstaat? Mede in het licht van het stopzetten van bijvoorbeeld de WTCG (wet tegemoetkoming chronisch zieken) en het stopzetten van de Compensatie voor het verplicht eigen risico. (CDA) Stapeling van effecten voor lagere inkomensgroepen beperkt via minimabeleid. In het stelsel van eigen bijdragen wordt reeds rekening gehouden met het voorkomen van stapeling van effecten; er geldt een maximale eigen bijdrage die kan worden opgelegd als meerdere voorzieningen bijvoorbeeld in het kader van de Wmo, Jeugdhulp en Wet langdurige zorg worden ontvangen. Dat is de reden dat wij als gemeente voor de inning van de eigen bijdrage en ouderbijdrage zijn aangewezen op het CAK.
Kortingspercentage
Het gemiddelde kortingspercentage voor de regio Twente is 19 %. Voor de gemeente Almelo betekent dit een tekort van 450.000 euro. Heeft het College al een voorstel hoe hiermee om te gaan. (CDA) Het opvangen een mogelijk tekort op de uitvoering van de Jeugdwet en Wmo 2015 maakt deel uit van de begrotingsbehandeling.
Wajongers
Wat gebeurt er met Wajongers bij wie het recht op Wajong vervalt en dan met name de groep die niet in aanmerking komt voor de WWB? (CDA) Mensen die nu een Wajong-uitkering hebben, behouden na 1 januari 2015 deze uitkering. Tevens beoordeelt UWV iedereen met een Wajong-uitkering op arbeidsvermogen. Alle Wajongers blijven ook na deze beoordeling bij UWV. Er worden geen Wajongers overgedragen naar gemeenten. Er is sprake van een onderscheid tussen ‘duurzaam geen arbeidsvermogen en wel arbeidsvermogen’ De Wajong wordt vanaf 1 januari 2015 alleen nog toegankelijk voor jonggehandicapten die duurzaam geen arbeidsvermogen hebben. UWV beoordeelt of iemand recht heeft op Wajong. Is dat het geval dan zorgt het UWV voor de activering. Is dit niet het geval dan kan de betreffende jongere een beroep doen op bijstand in het kader van de Participatiewet. De gemeente is dan verantwoordelijk voor activering en begeleiding naar werk. Dit valt binnen het uitvoeringsprogramma 2015.
Participatiewet
Stapelingsmonitor Is deze ook ingezet in de gemeente Almelo? Zo ja, in hoeverre kunnen de resultaten van deze monitor nu een bijdrage leveren in Almelo aan het “een gezin, een plan” uitgangspunt? (CDA) De stapelingsmonitor wordt gebruikt voor het bepalen van de inrichting van de sociale wijkteams. De sociale wijkteams worden daar ingezet waar het beroep en druk op voorzieningen het hoogst is. De sociale wijkteams gaan werken volgens het principe “één gezin, één plan, één regisseur” (regisseursmodel). Decentralisaties Dag LAS heeft verder nog vragen naar aanleiding van De Decentralisaties Dag (georganiseerd door Rijk en VNG) Inspireren en informeren: de Decentralisaties Dag Hoe ligt het al of niet integraal organiseren van de decentralisaties binnen Almelo? Het integraal organiseren van de taken die we over krijgen is voor ons de centrale opgave. Met de wijkteams richten we ons op een integrale aanpak voor gezinnen. In de praktijk betekent dit dat de wijkteamregisseur integraal (en niet verkokerd)_met het gezin in gesprek gaat en met het gezin de eigen kracht en ondersteuningbehoefte van het gezin bepaalt. Indien nodig wordt een
ondersteuningsplan op maat met het gezin opgesteld. Worden er al pilots gedraaid? De gemeente draait diverse pilots. Een aantal voorbeelden: – Wijkteam Sluitersveld: deze pilot is gericht op ondersteuning van ouders met kinderen.
Hierin werken Jarabee, Mee, Bureau Jeugdzorg en Zorgaccent met elkaar samen. – Topteam Ossenkoppelerhoek: Dit team richt zich op bewonersondersteuning van alle bewoners. Hiertoe werken de wijkverpleegkundige, consulent bijstand en opbouwwerker nauw samen. – Gezinscoaches: hulpverleners uit de tweede lijn werken nauw samen om de ondersteuningsbehoefte in gezinnen te bepalen en deze vorm te geven. – Slimme clusters: Welzijnswerk, maatschappelijkwerk en de jeugdgezondheidszorg werken nauw samen met het onderwijs om binnen het onderwijs vroegtijdig te signaleren en jongeren ondersteuning te bieden. Kan dit document (verschenen na de Decentralisaties Dag) als basisdocument gebruikt worden voor de vervolgafspraken? Dit document vormt een mooie kapstok voor onze opgave en zullen we als zodanig gebruiken.
Vragen over de modelverordeningen
Status modelverordeningen. Wat is de status van de modelverordeningen? Worden de verordeningen een op een overgenomen of worden daarin wijzigingen aangebracht? (D’66) De teksten van de modelverordeningen zijn gebruikt als voorbeeld en daar waar mogelijk geheel of gedeeltelijk overgenomen. Doordat er in Almelo is gekozen voor één verordening voor zowel de Jeugdwet als de Wmo 2015 konden de modelverordeningen niet één op één worden overgenomen. De volgorde van de artikelen moest hierdoor worden gewijzigd en vanwege de leesbaarheid van de teksten is er soms gekozen voor een andere bewoording.
Woonplaatsbeginsel
In Almelo kennen we een aantal bovenregionale voorzieningen, geldt hiervoor ook het woonplaatsbeginsel? Graag nadere toelichting op het woonplaatsbeginsel, adres ouders, verhuizingen van ouders, gebruik van een voorziening buiten de woonplaats, etc. (CDA) In principe geldt dat de gemeente waar de ouder belast met het gezag woonplaats heeft, verantwoordelijk is voor de jeugdige. Bij verhuizing van de ouder belast met het gezag naar een andere gemeente moet deze gemeente de verantwoordelijkheid voor de jeugdige overnemen. Soms is echter de werkelijke verblijfplaats van de jeugdige bepalend: bijvoorbeeld als er sprake is van instellingsvoogdij of als de ouder(s) belast met het gezag in het buitenland verblijven of de verblijfplaats niet bekend is. Voor de bovenregionale voorzieningen die we in Almelo kennen, geldt in het algemeen dat daar waar deze worden ingezet voor jeugdigen waarvan de ouder belast met het gezag niet in Almelo
woonachtig is, Almelo niet verantwoordelijk is voor de jeugdige. Een groter risico lopen we ten aanzien van jeugdigen die in instellingen buiten Almelo verblijven: niet altijd is even goed geregistreerd waar de jeugdigen vandaan komen. Hierdoor is op dit moment niet bekend voor hoeveel jeugdigen de gemeente Almelo verantwoordelijk is in het kader van de Jeugdwet. Onafhankelijk vertrouwenspersoon Jeugdwet: Wordt een onafhankelijke vertrouwenspersoon van buiten aangetrokken of is het de bedoeling dat een ambtenaar hiervoor aangesteld wordt? (LAS) De vertrouwenspersoon moet onafhankelijk zijn van de gemeente, jeugdhulpaanbieders, de gecertificeerde instellingen en het AMHK. Deze persoon kan per definitie geen ambtenaar zijn. Bij algemene maatregel van bestuur worden overigens nog nadere regels gesteld ten aanzien van taken, bevoegdheden en bijbehorende verplichtingen van de vertrouwenspersoon. Overigens is de facultatieve bepaling uit de modelverordening Jeugdwet niet opgenomen in de voorliggende verordening omdat de plicht voor het college om te zorgen voor een onafhankelijke vertrouwenspersoon rechtsreeks voortvloeit uit de Jeugdwet.
Zorgkantoor en pgb
Hoeveel invloed heeft het zorgkantoor in de keuze voor het al dan niet verstrekken van een pgb? (Nu leggen zorgkantoren het advies van het CIZ nog wel eens naast zich neer en gaan hun eigen weg)? (PVA) Geen enkele invloed; wij bepalen voor de voorzieningen waarvoor wij verantwoordelijk zijn of er al dan niet een pgb wordt verstrekt. Het zorgkantoor bepaalt dat als er sprake is van een voorziening in het kader van de Wet langdurige zorg (oude Awbz voorzieningen die niet door de gemeenten worden uitgevoerd).
Sociaal netwerk
Wat wordt verstaan onder : “Persoon uit sociaal netwerk”? (LAS) Familie, buren, vrienden en kennissen
Calamiteiten en geweld
Waaraan moeten we denken bij calamiteiten en geweldsincidenten? (D’66) Een calamiteit wordt in de Wmo 2015 en de Jeugdwet omschreven als een niet-beoogde of onverwachte gebeurtenis, die betrekking heeft op de kwaliteit van de voorziening of jeugdhulp en die tot een ernstig schadelijk gevolg voor of de dood van een cliënt heeft geleid (voorbeelden zijn het met te heet water douchen van cliënten of het weglopen van een verzorgende bij het douchen waardoor de cliënt ten val komt). Onder geweld wordt verstaan lichamelijk, geestelijk of seksueel geweld jegens een cliënt, of bedreiging daarmee, door een beroepskracht of door een andere cliënt met wie de cliënt gedurende het etmaal of een dagdeel bij (of in een accommodatie van) een aanbieder verblijft.
Vragen
De beantwoording van de vragen kan leiden tot nieuwe vragen. Uiteraard zijn wij bereid deze nieuwe vragen ook te beantwoorden. Allereerst wijzen we u op de gelegenheid om aanvullende vragen te stellen tijdens het politiek beraad op 23 september. Daarnaast kunt voor aanvullendeinformatie contact opnemen met M. van Brink (senior adviseur sector Samenleving) via mail.
Hoogachtend,
S. Hagen (programmamanager) en M. van Brink (senior adviseur)
